Groen wordt een landschap niet vanzelf. En inderdaad, geen dag zonder een paar buien in de Cevennen. Gelukkig ook geen dag zonder zon. Natgeregende spullen leggen we een half uurtje in de zon op een steen en het is weer voor elkaar. En voor de regen krijg je een adembenemend landschap terug. De begroeiing is weelderig. Hier geen uitgedroogde, geblakerde hellingen.
Er zijn prachtige dagtochten te maken. Van het ene gehucht naar het andere. De overnachtingsmogelijkheden zijn simpel. Maar er is een bed, soms een douche, soms een kraan, de haard wordt aangemaakt en komt een maaltijd op tafel. Wat wil een mens nog meer na een dag lopen in de bergen? Nou, eerlijk gezegd soms een blok hout meer op het vuur. Een keertje extra kunnen opscheppen. Maar deze streek is karig. Het is een van de weinige protestantse gebieden van Frankrijk. Dat betekent dat de inwoners generaties lang tweederangsburgers zijn geweest. Hoog op de hellingen vonden ze een mate van veiligheid. De economische mogelijkheden waren echter niet groot. Met een zuinig leven, een spaarzame keuken als resultaat.

Waar we ook een kamer hebben, altijd wordt de maaltijd afgesloten met een pélardon, het traditionele geitenkaasje van deze streek. Het is een van mijn lievelingskazen geworden, die ik ook thuis koop als ik hem kan vinden.
De geiten die de melk voor deze kaas leveren, grazen in een aromatisch sprookjeslandschap en dat is te proeven. De hele streek is trots op de kaas. De boerinnen die een kamer verhuren, zetten hem na het eten op tafel. ‘Et voilà; un pélardon.’ Alsof het een verrassing is. De mensen die in de kleine ambachtelijke kaasmakerijen werken. En de geitenhoeder die we op een helling tegenkomen. Zijn kudde is niet groot, kan onmogelijk veel opleveren. Maar wat dan nog? Hij loopt in een paradijs. Iemand die niet meedoet aan de waanzinnige economische race. Hij zal nooit manager worden. Zijn beroep wordt door vrijwel iedereen als ouderwets en achterhaald gezien. Maar als de banken echt instorten, de euro valt, de olie op is, zal de toekomst dan niet aan degenen zijn die met geiten om kunnen gaan?
