
We zijn nu bijna twee jaar in Frankrijk. En we komen tot de ontdekking dat we nooit meer naar Frankrijk op vakantie gaan. Dat moet veranderen. We gaan op pad en komen terecht in Sauve, een stadje aan de voet van de Cevennen. Dit gebergte is niet voor niets erg groen, het regent er vaak en uitbundig. Het zit ons mee; Sauve is droog en zonnig als we aankomen. Dit stel je je voor van in Frankrijk wonen – slenteren door smalle straatjes, lekker eten op een terras. Het kan allemaal.
Sauve is van de modernisering gered. Het heeft zijn inwoners dan ook niet veel te bieden op economisch gebied. Er wonen nu veel minder mensen dan vroeger, omdat er van landbouw en nijverheid niet meer te leven valt. (Van banken en industrie nog wel dan?) De stad, in feite een dorp dat vroeger een stadje is geweest, moet het nu hebben van toerisme en een nieuw soort inwoners. Er zijn hier nogal wat kunstenaars neergestreken. We ontmoeten Soraya Touat. Ze voelt zich Frans en Berber, vertelt ze en heeft twee rode draden in haar werk: planten en aarde.
Soraya Touat en haar werk
Ook zijn er mensen die oude ambachten levend houden. Zo worden er in Sauve hooivorken gemaakt. Dit lijkt ons ook niet bepaald hét beroep van 2012 te worden, maar we blijken achter te lopen. Ja natuurlijk, in de moderne landbouw komt de hooivork niet meer voor. Maar veel mensen hebben een klein veldje met gras, waar machines niet lonen. Met machines kom je trouwens ook niet onder bomen, dus wat als je wilt hooien in je boomgaard? Inderdaad, je hebt een hooivork nodig. Ter plekke besluit ik voortaan het gras in onze boomgaard te gaan gebruiken. Ik koop dus een hooivork.
Deze vorken worden uit één stuk gemaakt. Het zijn in feite boompjes die al in de vorm van de vork worden gesnoeid. Ze mogen drie takken houden, dat worden de tanden. Goed nieuws: de hooivorken worden over de hele wereld verkocht. Ze worden zelfs in de industrie gebruikt, bijvoorbeeld om opgeslagen katoen op te schudden. De houten vorken zijn niet elektrostatisch, kunststof materiaal wel, daar valt niet mee te werken. Slecht nieuws: bijna niemand beheerst het hooivorkmakersvak nog. Maar eigenlijk is dat ook goed nieuws: wie het wat lijkt, kan hier meteen aan de slag. Je mag natuurlijk ook de rest van je leven in je kantoorbaantje verder sudderen.

Er vallen nog veel mensen te ontmoeten en plaatsen te ontdekken. En we gaan een tocht in de bergen maken. Maar daar hoort u de volgende keer over. Eerst maar eens neerstrijken op zo’n terras.
A plus tard, tout le monde!
